15-03-11

Professioneel pesten

De directeur-generaal van het niet nader genoemde bedrijf waarvan u in dit spel - dàt noem ik hier even wel bij naam: Mobbing: Reine Chefsache! - deel uitmaakt zit in moeilijke papieren. De man staat vlak voor zijn ultieme confrontatie met Pietje De Dood en moet dringend voor opvolging zorgen.

U bent een van de zes mogelijke kandidaten.

Dat geeft stress, maar u bent gewapend. U hebt dit namelijk al lang zien aankomen en u hebt niet stilgezeten. U hebt zich bekwaamd in de edele kunst van het slijmen en pesten, niet noodzakelijk in die volgorde. Het slijmen doet u bij de heren Benny Fitz, Heinz L. Mann, Reiner Profit, Tom Bola en mevrouw Lore Leih, de leden van de Raad Van Bestuur. Het pesten bewaart u voor uw tegenspelers.

U gaat alle zeilen moeten bijzetten, want de resultaten van uw interventies zijn mee afhankelijk van het al dan niet voortijdig heengaan van de grote baas.

Het beïnvloeden van de raad van bestuur doet u met lobbykaarten, het jennen van uw tegenspelers met pestkaarten.

De lobbykaarten - elke speler heeft er 12 bij spelaanvang en ze komen slechts mondjesmaat op hand - speelt u uit bij een van de leden van de raad van bestuur, de pestkaarten komen gewoon voor u of uw tegenspelers te liggen.

De lobbykaarten hebben waarden van 1 tot 3 (met halfjes) en er zitten nog drie buitenbeentjes tussen waarmee u uitgelegde kaarten bij bestuursleden kunt wegspelen of verwisselen. Afhankelijk van de soort worden ze gedekt of open uitgespeeld. Lag er al een gedekte kaart bij het bestuurslid in kwestie wordt deze omgedraaid en volgt er eventueel een actie. Speltechnisch lijkt dit een beetje op Bedriegers Bedrogen, alleen is het hier veel leuker en - veel belangrijker - beheersbaar. Bij elk bestuurslid mogen maximaal 6 kaarten liggen.

De pestkaarten, waarvan u er op het einde van uw beurt tot twee mag trekken van een gedekte trekstapel, knalt u gewoon neer voor de verbaasde snuit van een tegenspeler. Er zitten leuke dingen tussen voor de mensen, zoals “Brengt teveel tijd op het toilet door!” bijvoorbeeld. Deze kaarten bepalen de algemene indruk die men binnen het bedrijf van u heeft. Een zwart getal is positief, rood is negatief. U begrijpt dat langdurige toiletsessies u van een rood cijfer voorzien, het goed kunnen bedienen van de koffieautomaat daarentegen wordt zeer geapprecieerd en levert u positieve punten op. Kaarten met positieve eigenschappen legt u uiteraard bij uzelf neer, kaarten met negatieve eigenschappen schuift u als vanzelfsprekend door naar uw tegenspelers. Er zitten ook kaarten bij met een dubbele score, positief en negatief. De kaart “Woont nog bij zijn ouders!” heeft een positieve score van twee en een negatieve van één. U bepaalt dan zelf welke score u bij welke speler gebruikt.

Als het speleinde zich aankondigt moet uw populariteit positief zijn, anders kunt u de overwinning op uw yuppiebuik schrijven.

Sommige kaarten staan, zoals eerder aangehaald, in relatie met de fysieke toestand van de grote baas op het einde van het spel. Met toestand wordt hier bedoeld: dood of levend.

Tijdens uw beurt speelt u een of twee lobby- en/of pestkaarten uit en trekt u er twee bij op hand. U mag bijtrekken van uw persoonlijke lobbystapel of van de centrale pest-trekstapel. Die centrale trekstapel werd bij spelaanvang in twee gelijke delen opgesplitst. In de tweede stapel, die pas na het leeghalen van de eerste wordt aangesneden, worden drie “De chef is gestorven”-kaarten geschud. Zodra de tweede wordt getrokken is het van dat en is het spel ten einde. Het spel eindigt ook als de laatste pestkaart wordt getrokken en daarna iedere speler nog een keer aan de beurt kwam of als bij elk lid van de raad van bestuur zes lobbykaarten liggen.

Dan begint fase één van het bepalen van de winnaar. Wie een negatief of neutraal imago heeft valt onmiddellijk af, de rest gaat door naar fase twee. In fase twee wordt nagegaan wie het meeste invloed heeft uitgeoefend op de leden van de raad van bestuur. Elke speler die de meeste invloed heeft - gelijkstanden tellen ook - krijgt van dat bestuurslid een stem. U hebt minstens één stem nodig om het tot grote baas te schoppen. Wie de meeste stemmen haalt wint. Bij gelijkstand beslist de populariteit.

Dit, beste medespeler, is er weer zo eentje die onder vele radars is doorgevlogen. Zoals zo dikwijls bij dit soort spellen totaal onterecht. Heel veel interactie krijgt u hier, veel hilariteit ook en toch bent u niet aan willekeur overgeleverd. U hebt tot op zekere hoogte vat op wat er gebeurt en u kunt meer dan voldoende invloed op het spelgebeuren uitoefenen.

Op het spelmateriaal valt niets aan te merken. De vierkante kaarten (150!) bevatten Duitse tekst, maar er zijn er slechts enkele waarbij wat geschreven is echt van belang is. Als u Duitse cijfers kunt lezen gaat u amper in de problemen komen.

Leuk: de langwerpige doos is opgevat als een dossiermap. U kunt dit spel dus zonder enig risico wegmoffelen in uw dossierkast op het werk. En als u het aan de bewaking thuis wilt ontrekken biedt deze verschijningsvorm uiteraard ook mogelijkheden. Dit zal mogelijk het enige spel zijn dat u in uw werkhoek bewaart, tussen uw dossiermappen met uw gas- en elektriciteitsrekeningen en daardoor onttrokken aan de continu spelscannende blikken van uw partner.

En dat laatste is toch maar mooi meegenomen.

Dominique

 

Mobbing: Reine Chefsache!

Heidelberger Spieleverlag, 2010

Raphael Gottlieb & Frank Stark

3 tot 6 spelers (hoe meer hoe beter)

30 tot 45 minuten