27-03-11

Goud!

Als ik u zou bedelven onder de spellen waarin goud, in een of andere verschijningsvorm, een prominente rol speelt: men vond u nooit meer weer. Moest ik u bedelven onder de spellen waarin ezels de hoofdrol opeisen zou een reddingsactie helemaal niet nodig zijn. Een groot gedeelte van uw ongetwijfeld imposante lichaam zou duidelijk zichtbaar blijven.

“Gold!”, de nieuwe worp van Michael Schacht, verenigt beide uitersten in een erg leuk en intrigerend kaartspel.

Leuk omdat "Gold!" spelen gewoon genieten is, intrigerend omdat dit spel enkele mechanismen herbergt die u mentaal behoorlijk prikkelen.

Uit een kaartenstapel van 60 kaarten in 6 kleuren, bestaande uit getalkaarten (pluspunten) en ezelkaarten (minpunten), wordt aan elke speler een ezelskaart van een verschillende kleur overhandigd en 2 kaarten gedekt verwijderd. De ezelkaart moet u open voor u op tafel leggen, net als alle kaarten die u tijdens het verdere verloop van het spel verzamelt. Vervolgens wordt er een uitlage van 5 kaarten van de trektstapel getrokken en zet u zich in positie voor het startschot.

Tijdens uw erg korte beurt kunt u één actie kiezen uit drie mogelijkheden: u neemt de laagste kaart uit de uitlage en legt die voor u op tafel neer, u ruilt een ezelkaart uit uw voorraad (ezels zijn 2 minpunten waard) om voor een goudkaart naar keuze uit de uitlage of u ruilt een goudkaart met een goudkaart van een lagere waarde uit de uitlage.

Hebt u 3 kaarten van dezelfde kleur verzamelt moet u scoren. U legt dan het setje gedekt in uw onmiddellijke nabijheid neer en neemt vervolgens een goudkaart naar keuze bij een van uw tegenstanders. Deze kaart mag niet de kleur hebben van kaarten die reeds voor je liggen of van het setje dat je net hebt gescoord. De gestolen kaart komt gewoon voor je te liggen.

De eenvoud zelve allemaal.

Zodra de laatste kaart van de uitlage is weggenomen wordt deze opnieuw met 5 kaarten aangevuld en het spel gaat vrolijk verder, al dan niet onder begeleiding van het gebalk van de leukste aan tafel.

Zodra de allerlaatste kaart van de uitlage is verdwenen eindigt het spel en worden voor elke kleur de bonuspunten verdeeld. Voor elke kleur wordt gekeken welke speler de hoogste totaalwaarde voor zich heeft liggen. Die speler mag zijn goudkaart met de hoogste waarde in die kleur nog aan zijn scorestapel toevoegen.

Daarna lekker tellen en vergelijken. Wie de meeste punten heeft gescoord wint.

Simpel, snel, interactief, verrassend cerebraal en op een positieve manier lijdend aan het ijsbergsyndroom. Er bevindt zich immers duidelijk meer onder de waterlijn dan erboven. Op het eerste gezicht is dit erg eenvoudig en tè simpel en u gaat meewartig glimlachen wanneer dit u wordt voorgelegd. Tot u kort na het spelbegin even begint na te denken, het belang van de spelersvolgorde begint in te zien en de verzamelde voorraad van uw tegenspelers begint te scannen. Dan gaan er vrolijke lichtjes branden onder uw hersenpan. Oververhitten gaat de inhoud van uw schedel niet, maar als u niet bij de les blijft gaat u er gegarandeerd aan.

Weinig maar oerdegelijk en functioneel materiaal hebben we hier - de rugzijde van de kaarten heeft een erg mooie bladgoudafwerking - en het geheel bevindt zich in het gekende stevige Abacus kaartendoosje.

Aanrader, zeker als u op zoek bent naar een interessante snelle voor drie.

Dominique

 

Gold!

Abacus Spiele, 2011

Michael Schacht

2 tot 3 spelers vanaf 8 jaar

20 minuten

 

18:50 Gepost door Dominique | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

18-03-11

Koninginnen niet toegelaten

King Of Tokyo (Iello / Homo Ludicus)

King Of Tokyo is er eentje die u in de gaten moet houden.

Niet omdat Richard Garfield De Grote de bedenker is - Roborally heb ik hem nog altijd niet vergeven - en al zeker niet voor het prachtige materiaal, maar wel omdat het gewoon erg, héél erg leuk is. Onder andere omdat hier een aansprekende dynamiek wordt aangeleverd waarbij de toepassing van het gekende fenomeen ‘bashing the leader’ de leader in kwestie zowaar extra punten oplevert. Meer nog, de leader kan naar eigen goeddunken - uit lijfsbehoud - de leidersfunctie overdragen naar een andere speler waardoor die op zijn beurt weer extra kan punten, maar daardoor ook weer in het oog van een storm terechtkomt. Een storm wiens vernietigende kracht wordt gevoed door mutanten, gigantische robots en buitenaardse monsters met quasi onuitspreekbare namen. Ga daar maar eens aanstaan, met die voorraad steen en hout en erts en goud en interessante zeevaartroutes uit uw saaie eurootje.

Als u eerder kickt op het laten groeien van een extra monsterachtige kop waarmee u extreem hard kunt bijten in plaats van het in stilte heen en weer schuiven van gekleurde blokjes op spreadsheetachtige spelborden weet u wat u te doen staat.

En vooral wanneer: in april 2011.

Dominique

 

18:21 Gepost door Dominique | Permalink | Commentaren (0) | Tags: king of tokyo, preview, iello |  Facebook |

17-03-11

TAGTFOS

The Awful Green Things From Outer Space (Steve Jackson Games)

Als u wilt weten waar Bruno Faidutti de mosterd haalde voor Red November moet u hier eens rustig naar kijken. Krijgt eindelijk een degelijke remake - mijn eerste memorabele sessie vond begin jaren 80 plaats en ik herinner me nog alle gore details - en u zou daarvoor de spelgoden op uw blote knieën moeten bedanken, temeer omdat samen met het opgewaardeerd spelmateriaal ook de uitbreiding “Outside The Znutar“, in de doos zit.

Remake is eigenlijk een understatement. Met deze versie zitten we al aan editie 8, maar dit wordt de eerste waarin het spel zich manifesteert zoals het zou moeten: met een stevig spelbord en kwalitatief betere spelonderdelen.

In dit spel bevindt u zich op een ruimteschip dat wordt geënterd door u bijzonder vijandig gezinde aliens. Eén speler controleert de bemanning van het ruimteschip, de andere - het is een spel voor twee - de aliens. Het ruimteschip zit volgestouwd met (potentiële) wapens, alleen weet de ruimteschipeigenaar niet wat het effect van deze wapens is tot op het moment dat het tegen de aliens wordt ingezet. Dat betekent dat de confrontatie met de aliens willens nillens móét worden aangegaan, waarbij het op zoek gaan naar het meest effectieve verdedigingsmiddel een niet te verwaarlozen nevenactiviteit is. Een veel leukere activiteit dan de gemiddelde fotozoektocht zeg maar. In de praktijk komt dat er bijvoorbeeld op neer dat u een laserstraal op een alien afvuurt om er vervolgens luid krijsend als een speer vandoor te gaan omdat de laser blijkbaar als lastige bijwerking heeft dat de aliens zich in aantal hebben verdubbeld. Een goedgemikte augurk uit de mess daarentegen kan op diezelfde aliens dan weer de impact hebben van een 50 megaton TNT waterstofbom.

Claustrofobische spanning, tijdsdruk, verrassingsstress, variatie en vooral veel gegrinnik: het zijn allemaal sensaties die uw deel worden tijdens een spelletje TAGTFOS, eender welke rolverdeling u hanteert.

Er zijn er die voor minder naar de spellenwinkel hollen.

Voor iets mufs als Merkator bijvoorbeeld.

Dominique

 

15-03-11

Professioneel pesten

De directeur-generaal van het niet nader genoemde bedrijf waarvan u in dit spel - dàt noem ik hier even wel bij naam: Mobbing: Reine Chefsache! - deel uitmaakt zit in moeilijke papieren. De man staat vlak voor zijn ultieme confrontatie met Pietje De Dood en moet dringend voor opvolging zorgen.

U bent een van de zes mogelijke kandidaten.

Dat geeft stress, maar u bent gewapend. U hebt dit namelijk al lang zien aankomen en u hebt niet stilgezeten. U hebt zich bekwaamd in de edele kunst van het slijmen en pesten, niet noodzakelijk in die volgorde. Het slijmen doet u bij de heren Benny Fitz, Heinz L. Mann, Reiner Profit, Tom Bola en mevrouw Lore Leih, de leden van de Raad Van Bestuur. Het pesten bewaart u voor uw tegenspelers.

U gaat alle zeilen moeten bijzetten, want de resultaten van uw interventies zijn mee afhankelijk van het al dan niet voortijdig heengaan van de grote baas.

Het beïnvloeden van de raad van bestuur doet u met lobbykaarten, het jennen van uw tegenspelers met pestkaarten.

De lobbykaarten - elke speler heeft er 12 bij spelaanvang en ze komen slechts mondjesmaat op hand - speelt u uit bij een van de leden van de raad van bestuur, de pestkaarten komen gewoon voor u of uw tegenspelers te liggen.

De lobbykaarten hebben waarden van 1 tot 3 (met halfjes) en er zitten nog drie buitenbeentjes tussen waarmee u uitgelegde kaarten bij bestuursleden kunt wegspelen of verwisselen. Afhankelijk van de soort worden ze gedekt of open uitgespeeld. Lag er al een gedekte kaart bij het bestuurslid in kwestie wordt deze omgedraaid en volgt er eventueel een actie. Speltechnisch lijkt dit een beetje op Bedriegers Bedrogen, alleen is het hier veel leuker en - veel belangrijker - beheersbaar. Bij elk bestuurslid mogen maximaal 6 kaarten liggen.

De pestkaarten, waarvan u er op het einde van uw beurt tot twee mag trekken van een gedekte trekstapel, knalt u gewoon neer voor de verbaasde snuit van een tegenspeler. Er zitten leuke dingen tussen voor de mensen, zoals “Brengt teveel tijd op het toilet door!” bijvoorbeeld. Deze kaarten bepalen de algemene indruk die men binnen het bedrijf van u heeft. Een zwart getal is positief, rood is negatief. U begrijpt dat langdurige toiletsessies u van een rood cijfer voorzien, het goed kunnen bedienen van de koffieautomaat daarentegen wordt zeer geapprecieerd en levert u positieve punten op. Kaarten met positieve eigenschappen legt u uiteraard bij uzelf neer, kaarten met negatieve eigenschappen schuift u als vanzelfsprekend door naar uw tegenspelers. Er zitten ook kaarten bij met een dubbele score, positief en negatief. De kaart “Woont nog bij zijn ouders!” heeft een positieve score van twee en een negatieve van één. U bepaalt dan zelf welke score u bij welke speler gebruikt.

Als het speleinde zich aankondigt moet uw populariteit positief zijn, anders kunt u de overwinning op uw yuppiebuik schrijven.

Sommige kaarten staan, zoals eerder aangehaald, in relatie met de fysieke toestand van de grote baas op het einde van het spel. Met toestand wordt hier bedoeld: dood of levend.

Tijdens uw beurt speelt u een of twee lobby- en/of pestkaarten uit en trekt u er twee bij op hand. U mag bijtrekken van uw persoonlijke lobbystapel of van de centrale pest-trekstapel. Die centrale trekstapel werd bij spelaanvang in twee gelijke delen opgesplitst. In de tweede stapel, die pas na het leeghalen van de eerste wordt aangesneden, worden drie “De chef is gestorven”-kaarten geschud. Zodra de tweede wordt getrokken is het van dat en is het spel ten einde. Het spel eindigt ook als de laatste pestkaart wordt getrokken en daarna iedere speler nog een keer aan de beurt kwam of als bij elk lid van de raad van bestuur zes lobbykaarten liggen.

Dan begint fase één van het bepalen van de winnaar. Wie een negatief of neutraal imago heeft valt onmiddellijk af, de rest gaat door naar fase twee. In fase twee wordt nagegaan wie het meeste invloed heeft uitgeoefend op de leden van de raad van bestuur. Elke speler die de meeste invloed heeft - gelijkstanden tellen ook - krijgt van dat bestuurslid een stem. U hebt minstens één stem nodig om het tot grote baas te schoppen. Wie de meeste stemmen haalt wint. Bij gelijkstand beslist de populariteit.

Dit, beste medespeler, is er weer zo eentje die onder vele radars is doorgevlogen. Zoals zo dikwijls bij dit soort spellen totaal onterecht. Heel veel interactie krijgt u hier, veel hilariteit ook en toch bent u niet aan willekeur overgeleverd. U hebt tot op zekere hoogte vat op wat er gebeurt en u kunt meer dan voldoende invloed op het spelgebeuren uitoefenen.

Op het spelmateriaal valt niets aan te merken. De vierkante kaarten (150!) bevatten Duitse tekst, maar er zijn er slechts enkele waarbij wat geschreven is echt van belang is. Als u Duitse cijfers kunt lezen gaat u amper in de problemen komen.

Leuk: de langwerpige doos is opgevat als een dossiermap. U kunt dit spel dus zonder enig risico wegmoffelen in uw dossierkast op het werk. En als u het aan de bewaking thuis wilt ontrekken biedt deze verschijningsvorm uiteraard ook mogelijkheden. Dit zal mogelijk het enige spel zijn dat u in uw werkhoek bewaart, tussen uw dossiermappen met uw gas- en elektriciteitsrekeningen en daardoor onttrokken aan de continu spelscannende blikken van uw partner.

En dat laatste is toch maar mooi meegenomen.

Dominique

 

Mobbing: Reine Chefsache!

Heidelberger Spieleverlag, 2010

Raphael Gottlieb & Frank Stark

3 tot 6 spelers (hoe meer hoe beter)

30 tot 45 minuten