27-10-10

London Calling.

London.

Voorwaar, het is een mooie stad. Een wereldstad zelfs.

Een kleine 350 jaar geleden was het daar heel andere koek. Toen brandde het hele zootje tot aan de grond af. 13.200 huizen en 37 kerken gingen eraan. Drie dagen nadat de eerste vlammetjes het huis van bakker Farrinor verlieten was het klusje geklaard. 80% van de stad ging uiteindelijk in de vlammen op.

Dat kan tellen.

Of ze dáár in die tijd goed konden tellen valt echter zeer te betwijfelen. Het telraam van dienst kwam niet verder dan 9 tot 16 slachtoffers. Er moeten wel heel weinig mensjes in die 13.200 huizen hebben gewoond.

Twee Spielse spellen hielden verband met deze grote brand: The Great Fire Of London 1666 (Prime Games) en London (Treefrog). Strikt genomen zou u eerst aan de slag moeten met The Great Fire, waarin het hele zootje - vooral dat van uw tegenspelers, want dàt soort spel is het - tegen de grond gaat om u daarna rustig te zetten aan de wederopbouw, wat het onderwerp is van London. Het lijkt me iets voor een thema-avond. Ten huize van wordt die dan ook eerstdaags ingepland.

Martin Wallace heeft de heropbouw aan onze vaardige handen toevertrouwd middels een bordspel. Alhoewel, de benaming kaartspel lijkt me de lading beter te dekken. Want jongleren met kaarten en vooral met wat daarop staat is de hoofdactiviteit die u tijdens dit spel uitoefent. U begint te klussen in 1666 en u eindigt uw werkzaamheden in het jaar des Heren 1900. Wallace heeft er gelukkig voor gekozen de bouwtijd in te korten tot anderhalf uurtje.

London vertoont, tot mijn grote vreugde, nogal wat overeenkomsten met San Juan. Zo moet u een stad uitbouwen door gebouwkaarten voor u op tafel uit te spelen en om deze kaarten uit te spelen moet u ze betalen met handkaarten van dezelfde kleur, al dan niet aangevuld met geld (de centrale bank houdt regelmatig het handje op). Later in het spel kunt u deze gebouwen activeren zodat ze voor u mooie dingen gaan doen, geld of overwinningspunten genereren bijvoorbeeld. Dat kost dan ook weer kaarten of geld of allebei of, als u geluk hebt, niets. Er zitten kaarten tussen die bestemd zijn voor eenmalig gebruik en er zijn er ook waarvan u kunt blijven genieten. Een deck van 110 kaarten krijgen we hier voor de kiezen, verdeeld over een A-, een B- en een C-deck die getrouw en chronologisch de inhoudelijke en visuele evolutie van de werderopbouw evoceren. En waar u heel voorzichtig en goed doordacht mee moet omgaan. Voorzichtigheid en doordachtheid is vooral geboden tijdens het selecteren van de kaarten waarmee u betaalt. Die komen namelijk niet op een aflegstapel terecht, maar op het centrale spelbord alwaar ze door de gretige vingertjes van uw tegenspelers kunnen worden weggegraaid.

Dat centrale spelbord - heel overzichtelijk en functioneel trouwens - bevat ook nog 20 disctricten die  u tijdens het spel  de uwe kunt maken door er welgeteld één gebouw uit uw voorraad op neer te zetten, één gebouw per district. Claimen heet dat. Geclaimd betekent voorgoed van u, geen tegenspeler kan u vervoegen op dat lapje grond. U voelt ergens achter in uw hersenpan het woord "blokkeren" al opkomen. Dat hebben uw hersenen goed begrepen. Grond claimen kost geld, maar levert u ook wat op: een handvol overwinningspunten aan het einde van het spel en, naargelang de locatie van het district, enkele handkaarten. Maar mogelijk nog belangrijker: elk district dat u hebt geclaimd geeft u een bonus bij het bepalen van uw armoedepeil, waarover later meer. Wordt er tijdens het spel een metrolijn in uw disctrict(en) gebouwd levert u dat per metrolijn op het einde van het spel nog eens twee extra punten op. Die metrolijnen bouwt u door het activeren van gebouwenkaarten in uw stad. U zorgt er dan ook bij voorkeur voor dat u deze kaarten op hand krijgt zodat u de aanleg zelf een beetje kunt sturen. Het voelt immers niet echt lekker te zijn overleverd aan de goodwill van uw tegenspelers. De Theems, die de stad doorkruist, speelt ook een belangrijke rol. Bepaalde gebouwen zijn ermee gelinkt en het als u de rivier onderdoor moet met uw metrolijn kost u dat extra geld.

Tijdens uw beurt trekt u eerst verplicht een kaart van de trekstapel of u neemt er eentje van het centrale spelbord. Vervolgens leunt u oncomfortabel achterover en begint u met het dilemmatisch bepalen van de actie die u gaat uitvoeren: uw stad verder uitbouwen (kaarten uitspelen), een district claimen, uw stad "runnen" of gewoon drie kaarten op hand nemen van de trekstapel en/of het centrale spelbord. Het runnen van de stad, waarbij u naar believen gebouwenkaarten mag activeren, is waar de niet bepaald kleine adder onder het (gr)as zit. Na het runnen telt u immers uw stapels stadkaarten bij elkaar op op (u kunt kaarten op elkaar leggen om het aantal verschillende stapels, en daardoor de grootte van uw stad, zo klein mogelijk te houden) en voegt daar uw aantal handkaarten aan toe. Van dat getal trek je je aantal geclaimde districten op het centrale spelbord af. Het resultaat van dat op- en aftellen is HET AANTAL ARMOEDEBLOKJES DAT JE UIT DE ALGEMENE VOORRAAD MOET NEMEN. Dat het voorgaande in hoofdletters staat is geen toeval. Als u niet oppast groeien die blokjes uit tot een vulkaan die op het einde van het spel in volle glorie uitbarst en u vervolgens van tafel blaast. Teveel armoedeblokjes in voorraad hebben op het einde van het spel is dodelijk. Dat is, tenzij je tegenspelers het ongeveer even slecht hebben gedaan, een brandje dat niet meer te blussen is. LET DAAR VOOR OP! Blijf qua armoede ongeveer op gelijke hoogte als je tegenspelers. Op het einde mag hij of zij die het minste armoedeblokjes bezit ze immers allemaal afleggen, waarna de andere spelers een gelijk aantal blokjes mogen dumpen. Wat dan overblijft levert strafpunten op waarvan u het aantal mooi kunt aflezen van een heel overzichtelijke tabel op het spelbord. Ik raad u aan verder te lezen en u lekker te verkneukelen in wat dat bij mij persoonlijk teweegbracht. Het is toch bijna Sinterklaas.

Geld, daar hebben we nog zoiets. U hebt uiteraard nooit genoeg Engelse ponden in voorraad, waardoor u in de verleiding komt om te gaan lenen. Soms - maar dan moeten ze het wel heel slim spelen - dwingen uw tegenspelers u tot een lening. U moet uw ontleende bedragen op het einde wel zien terug te betalen, met intrest uiteraard, want anders krijgt u - wat zingen wij in koor? - STRAFPUNTEN!

Als de actieve speler de laatste kaart van de trekstapel neemt krijgen de andere spelers elk nog één beurt et voila: London staat er weer!

De beste wederopbouwer moet dan nog worden bepaald, kwestie van iemand te hebben om te huldigen. Eerst betaalt u uw lopende leningen zoveel mogelijk af, vervolgens neemt u nog een armoedeblokje uit de voorraad voor eke handkaart die u nog bezit, wordt er 1 overwinningspunt toegekend voor elke 3 pond die u op dat moment in voorraad hebt, krijgt u de punten voor uw geclaimde districten (eventueel aangevuld met de bonuspunten voor de metrolijnen), voegt daarbij de overwinningspunten van de gebouwenkaarten die u in uw stad hebt uitgespeeld (ook de gebouwkaarten die door andere kaarten bedekt zijn) en voegt bij al die puntenfiches het stapeltje dat u tijdens het spel al hebt verzameld.

De strafpunten dan: elke niet terugbetaalde lening kost u 7 strafpunten. De speler met het minst aantal armoedeblokjes mag deze met een brede glimlach allemaal terugsturen naar de centrale voorraad, waarop de andere spelers een even groot aantal mogen afleggen. Vervolgens bepalen de spelers die dan nog armoedeblokjes overhouden hun aantal strafpunten aan de hand van de handige tabel op het spelbord, waarvan eerder sprake.

London, beste medespeler, is het beste spel dat dit jaar op Spiel te vinden was. Het is in mijn ogen ook het beste spel van Martin Wallace, met een verrassende toegankelijkheid die toch voldoende weerhaken bevat om het u knap lastig te maken. Als u eraan begint lijkt het allemaal zo eenvoudig, een fluitje van een cent als het ware. U gaat dat Londens varken even snel wassen. Tot u geconfronteerd wordt met de armoedeblokjes, de slechts één actie per beurt pesterij, uw falende bouwplannen, het uitbalanceren van de grootte van uw stad, uw chronisch geldtekort, het lekkers dat u moet neerleggen voor uw tegenspelers en ook wel de soms dodelijke interactie met dat stelletje ongeregeld. Het voelt een beetje als bordjongleren in het circus, met dat verschil dat er maar bordjes blíjven bijkomen en dat u het nare gevoel hebt iets te missen dat u daarbij erg van pas kan komen, namelijk handen.

Het materiaal is dik in orde. U mag met mooie en erg functionele kaarten aan de slag en het spelbord laat niets te wensen over. De spelregels zijn duidelijk en overzichtelijk en absoluut niet moeilijk. Ik heb het bij de heer Wallace ooit anders gezien. Of niet gezien, het is maar hoe u het bekijkt. Het houten materiaal van de gelimiteerde editie biedt zeker een tactiele en visuele meerwaarde, maar het standaardmateriaal staat het speelplezier zeker niet in de weg. Daarvoor is dit spel te leuk.

Met veel enthousiasme vloog ik er samen met mijn twee medespelers in. De winnaar had meer dan 80 punten, de tweede in de 60 en ik - dát weet het nog heel precies - 2. U mag even lachen. Ik had 59 strafpunten omwille van mijn veel te groot armoedepeil. Ik raad u stellig aan voor spelaanvang het tabelletje rechts boven op het spelbord aandachtig te bestuderen. Daar staat op hoeveel strafpunten u krijgt voor hoeveel armoedeblokjes. En als u niet in uw dagje bent hakt dat erin als de kettingzaag in The Texas Chainsaw Massacre. Ik zou er ook voor zorgen dat er geen kettingzaag in de buurt is als u met uw eindresultaat wordt geconfronteerd. Uw tafel zou er wel eens aan kunnen gaan. 

Na De Afgang heb ik een halve nacht liggen nadenken. Hoe ik het de volgende keer zal aanpakken, maar vooral hoe niet. Ik heb al een plan. Voor zover ik het nu kan beoordelen heeft het kans op slagen. Ik hang het briljante concept hier niet aan uw neus, maar ik beloof u dat ik iets laat weten als ik het ten uitvoer heb gebracht.

Dat zal, als het van mij afhangt, niet lang meer duren. Want het brandt vanbinnen.

Een heerlijk spel.

Dominique

 

London

Treefrog (2010)

Martin Wallace

2 tot 4 spelers (leeftijd niet aangegeven)

90 minuten

 

17:23 Gepost door Dominique | Permalink | Commentaren (1) | Tags: london, treefrog, martin wallace |  Facebook |

Commentaren

Dan heb ik het op Spiel nog niet zo slecht gedaan met mijn 39 strafpunten vanwege armoedeblokjes aan het einde van het spel. Die ene keer de stad runnen met 9 kaarten op hand, was daaraan de grootste bijdrage. Ik kan het afraden :-)
Verder ben ik het geheel eens met de eindconclusie: een heerlijk spel.

Gepost door: martin | 28-10-10

De commentaren zijn gesloten.