06-08-08

Abigail, where's my Tinners' Trail?

Ik hou niet zo van economisch getinte spellen. Dat aandelengedoe, dat geschuifel met en geritsel van geld. Het bedruimelde karakter dat dit speelgeld na een tijdje begint aan te nemen. Het is allemaal niks voor mij. Mogelijk komt dat doordat we in het echte leven, beste medespeler, ook al een speelbal van economische megakrachten zijn. Zowel op macro- als microniveau. Speculatie is er zo eentje. Tijdens de overtocht van een olietanker verandert zijn lading ongeveer 738 keer van eigenaar. Inkopen die handel, achterhouden, hopen dat de prijs daardoor stijgt en dan met forse winst verkopen. De man of vrouw in de straat, die voor dit soort praktijken uiteindelijk letterlijk de prijs betaalt, is een te verwaarlozen variabele. De wereld waarin wij leven, hij is pervers. En op microniveau doen ze ook hun best hoor. DVD-speler stuk? 50 euro voor een eerste diagnose. En dan zijn we nog niet aan het repareren hé. Politici hebben niets meer te zeggen. Multinationals bepalen mijn en uw leven. Het is een verontrustende gedachte.

Aan de andere kant bieden dit soort spellen dan weer bepaalde soorten genot die me aanzetten om niet altijd neen te zeggen als ze op tafel worden gelegd. Het gevoel nog eens over veel geld te beschikken bijvoorbeeld. Of de illusie eens aan de – in mijn geval meestal erg broze – financiële touwtjes te kunnen trekken. Soms ga ik dus overstag. Voor “Big Boss” bijvoorbeeld, in mijn ogen tien keer leuker (en mooier) dan Acquire. Of “Owner's Choice”, vooral door de lichtsnelheid (een verademing in deze tijd van gamer's games) waarmee dit spel wordt afgehaspeld. Of “I'm The Boss”, in mijn ogen nog altijd meer een psychologisch ping-pongspel dan een bordspel. Maar minstens even leuk. Of “For Sale”, ook eentje dat voorbij is voor het goed en wel begonnen is en steeds weer om een revanche vraagt. Of Mogul, waarin aandelenhandel tot zijn essentie wordt heleid en er daardoor uiteindelijk bijna niets overblijft. Maar leuk, mannen en vrouwen, niet te doen!

Maar, de bovenstaande uitzonderingen daargelaten, hou ik me er ver vanaf.

Het was dan ook wel even schrikken toen de nieuwste van Martin Wallace voor mij op tafel verscheen. Wallace, een verteraan die al vele spelwatertjes doorzwommen heeft en daarbij steeds de krokodillen en de piranha's deskundig ontweek, is een nieuw lijntje begonnen. U moet nu niet direct beginnen associeren met een eenzame fietser genaamd Boonen. Neen, het lijntje in kwestie is een nieuwe spellenlijn. Denk bijvoorbeeld aan de lijn Yorkshire-regenjasjes van Paris Hilton. Hilton en Wallace in één alinea, ik weet het, het is voor ons spelers heiligschennis, maar het is slechts ter verduidelijking. Een metafoor. Vergeeft u mij.

Wallace maakt veel spellen. Kenners dragen hem hoog in het vaandel. Mijn vaandel hing tot nu toe zo ergens 70% de stok op. Kenners roemen zijn spellen om hun historische authenticiteit, hun complexiteit en hun ongeëvenaarde diepgang. Ik geef hen gelijk. Deels. Complexiteit en diepgang genereren immers meestal ook een aanzienlijke speelduur, iets waar ik eerder allergisch voor ben. Zo herinner ik mij een vijf uur durende sessie van “Princes Of The Renaissance” waarover ik nog altijd nachtmerries heb. Maar ik moet toch toegeven dat enkele van zijn spellen mijn softspot vol hebben geraakt. Ik denk daarbij aan “Mordred”, een hoogst toegankelijke Wallace met een originele maar bizarre eindafrekening en “Volldampf”, in mijn ogen nog altijd beter dan Age Of Steam en speltechnisch veel vergevingsgezinder, wat in mijn geval altijd meegenomen is. Ook “Tyros”, door velen onder ons zwaar onderschat, is een doosje dat ik graag uit het spellenrek trek.

Maar even terug naar het lijntje.

Het lijntje is een nieuwe reeks van spellen die zich kenmerken door het uitsluitend gebruik van een spelbord en houten speelstukken. Geen kaarten, geen kartonnen fiches, geen gimmicks, niets. Het lijntje heeft ook een naam: Treefrog. Het logo toont een kikker die zich als ware hij wanhopig om een boomachtige letter T heeft gekronkeld. Ik vermoed dat de wanhopige kikker een metafoor is voor ons, spelers, die zich al even wanhopig aan alles vastklampen dat in een doos zit, op tafel kan worden uitgespreid en waarmee vervolgens kan worden gespeeld. Mijn oudste dochter, die tijdens dit schrijven even kwam meelezen en droogweg opmerkte dat een vibrator ook in die categorie valt, is ondertussen naar haar kamer gestuurd. Twee weken huisarrest.

Momenteel zijn er vier spellen die aan het lijntje worden opgehangen: Tinners' Trail, After The Flood, Steel Driver en Waterloo. Volgens mij was er ook al een voorprogramma, namelijk “Mordred”, waarover eerder al sprake. Een herwerkte versie van Wallace's gelijknamige spel uit 1999, maar net als de Treefrog spellen alleen bord en hout. En leuk.

Maar Tinners' Trail is de officiële eerste in lijn.

Ik heb hem ondertussen al enkele keren in een drie- en vierbezetting gespeeld en ik moet u meegeven, beste medespelers: zeer de moeite!

We gaan wel even terug in de tijd hoor, toen en waar er van ons nog geen sprake was. Cornwall, begin 19de eeuw. Ik ben er nooit geweest en ik weet niet hoe het er daar nu uitziet, maar in die tijd was het niet bepaald paradijselijk van aard. Grote armoede en iedere man die armen en benen aan zijn lijf had verlaagde zichzelf elke dag een paar honderd meter de grond in om tin en koper te gaan delven. En als we het spelsysteem mogen geloven voorzag hij zich ook best van reddingsboeien en zwemvliezen, want elke meter dieper graven leverde als naar bijprodukt nogal nat en verdrinkbaar water op.

Tin en koper dus. Daar gaat het om. Ontginnen, bovenhalen, verkopen en winst omzetten in investeringen (overwinningspunten). In vier ronden. Tinners' Trail in een notendop.

Spelbord op tafel, speelstukken uitdelen, startsituatie creëren door in bepaalde gebieden tin, koper en water te “zaaien” door middel van drie speciale zeszijdige dobbelstenen (naar de vijf en zes zult u tevergeefs zoeken), de startprijs van tin en koper bepalen, spelersvolgorde vastleggen (heel belangrijk), iedereen zijn startkapitaal uitbetalen, de beschikbare uitbreidingen voor de eerste ronde klaarleggen en “off we go!” Alhoewel, “down we go!” is, zowel letterlijk als figuurlijk – dat laatste vooral in mijn geval – meer van toepassing.

Tijdens onze beurt kunnen we verschillende acties doen, negen in totaal, waarvan er eentje “passen” heet. De timing van deze laatste actie is niet onbelangrijk, want je mag dan de volgende beurt als eerste. Ik geef u één goede raad: onderschat deze actie niet. U doet ermee wat u wilt, maar kom achteraf niet klagen. Verder in het rijtje: een mijn veilen in een gebied naar keuze waarbij de winnaar één van zijn zes mijnen in voorraad in het gebied mag plaatsen en twee tijdpunten op het tijdspoor vooruit gaat. “Tijdpunten?”, hoor ik u al zeggen. Inderdaad. Elke actie kost tijd, de ene al wat meer dan de andere. Tien tijdpunten mag je spenderen. Dan is je tijd gekomen voor deze beurt. Wie het minst tijd gebruikt blijft aan de beurt totdat hij de andere spelers voorbijsteekt of hun tijdsgebruik evenaart. Simpel en elegant. Volgende actiemogelijkheid: ontginnen, het spul naar boven halen. Dat kost één tijdpunt en je hebt uiteraard een mijn nodig om dit te kunnen doen (basiscapaciteit twee). Elk blokje tin of koper dat je bovenhaalt kost evenveel pond als het waterniveau in je mijn. Twee waterblokjes is twee pond per blokje. Veel water = moeilijker ontginnen = duurder. Na het ontginnen zitten we uiteraard dieper onder de grond. Dieper = meer grondwater. Meer grondwater is een extra blauw waterblokje in het gebied. Ontginnen wordt dus de volgende ontginactie nog duurder. Dank u, Mr. Wallace! U, alles behalve van gisteren zijnde, begrijpt dat waterbeheersing een aanzienlijke rol krijgt toebeeld in dit spel. Als er één spel is waarop de uitdrukking: “Ik trek de stop eruit!” van toepassing is, is het dit. Een goede raad: trek hem eruit zoveel je kan. Kom achteraf niet klagen dat u het niet wist. Water kunnen we wegpompen door – u raadt het nooit – pompen te installeren. Er zijn minipompen en ook een soort maxipompen waarmee je zelfs twee aangrenzende gebieden van de nattigheid kunt onlasten en tegelijkertijd deze twee gebieden extra van tin en koper kunt voorzien. Dat kost wel een schandalige drie tijdpunten, wat iets zegt over de waarde van dit soort pomp, de zogenaamde “adit”. In het hele spel komen er maar vier van deze pompen beschikbaar. En weg is weg. Slik. Ik zou u nu een goede raad kunnen geven, maar u bent niet van gisteren dus trek zelf uw conclusies. Tot slot kunnen we nog mijnwerkers (één tijdpunt), boten (twee tijdpunten) en treinen (twee tijdpunten) plaatsen. Zij verhogen onze mijncapaciteit met één. Treinen en boten hebben ook nog eens een positieve invloed op onze waterhuishouding – de trein zelfs ook in de aangrenzende gebieden – dus deze wonderen van de vooruitgang zijn ook niet te versmaden. Schrap even “Tot slot” zes regels hoger want er is nog één actie onvermeld gebleven: pasties verkopen. Pasties? Klik op de volgende link en er wordt u veel duidelijk.

(http://www.digischool.nl/en/frameset.htm?url=/en/werkstuk...).

Niet te verwarren met de pasties die zowel vrouwelijke als mannelijke strippers al eens op hun tepels plegen te kleven. Hoe ik dat weet? Bemoei u eens met uw eigen zaken! Eén pond levert het op. En het kost één tijdpunt. Maar soms is het een bescheiden redder in nood. Slechte cash-flow, weet u wel. Hou deze actie toch maar in uw achterhoofd als dit spel op tafel ligt.

Als iedereen heeft gepast verkopen we al onze tin en koper en de opbrengst zetten we naar believen om in overwinningspunten op een overwinningspuntentabel. In elk van de vier ronden zakt het aantal overwinningspunten dat je voor hetzelfde bedrag kunt kopen, dus vroeg kopen = meer punten. En hou er rekening mee dat elk overwinningspuntenvakje slechts kan bezet worden door maximaal twee investeringsblokjes, al dan niet van dezelfde speler. U kunt dus een medespeler forceren duurder of goedkoper punten aan te kopen. En dan nu de belangrijkste tip van allemaal: HOU TOCH MAAR WAT GELD OVER VOOR DE VOLGENDE RONDE! Ik herhaal: HOU IETS OVER VOOR DE VOLGENDE RONDE!

Na al deze rituelen – u weet het misschien niet, maar spelen is een ritueel – beginnen we opnieuw tot we vier ronden hebben afgewerkt. Op dat moment zijn we een kleine anderhalf uur van gevloek verder.

Zoveel te doen en zo weinig tijd, kent u dat? In het echte leven is dat frustrerend. In dit spel is het een waar genot. Ook mooi hoe het spelbord vol komt te staan met mijnen, pompen, boten, treinen, tin, koper, water en één blauwe M&M. Het lijkt wel zaaitijd in Agricola. En gelukkig voor mij zit er ook een beetje geluk in, omwille van de onzekere tin- en koperprijzen.  En alles wat we moeten weten staat op het bord. De spelregels zijn duidelijk en overzichtelijk. Op de achterkant ervan staat trouwens een zeer handig en gebruiksvriendelijk overzicht.

Minpunten? Ze zijn er, maar halen het spelgenot niet onderuit. De investeringstabel is een leuke, maar alle informatie ligt open en bloot en is dus steeds telbaar. Dat zondigt een beetje tegen mijn principe dat een eindtelling spannend moet zijn en het kan het speltempo wel eens naar beneden halen. Het geldspoor had ook niet gehoeven. Het vraagt een beetje masseren van je beide hersenhelften om het 20 pond-spoor te assimileren. En in mijn versie ontbrak er een blauwe mijn. Maar dat hebben we opgelost met een blauwe M&M, die vlak na het speleinde als bij toverslag was verdwenen.

Martin Wallace verwijst in de “designer notes” op het einde van de spelregels naar spelsystemen die dat van Tinners' Trail hebben beïnvloed, meerbepaald “Princes Of Florence” (het investeringsmechanisme) en “Jenseits Von Theben” (tijdpunten). Dat siert. Mede daardoor, maar toch vooral door Tinners' Trail zelf, hangt mijn Wallace-vaandel ondertussen op ongeveer 85% flapperhoogte.

Die Treefroglijn. hou die toch maar in de gaten. En hebt u iets in het vizier, sla dan genadeloos toe, voordat anderen u voor zijn. Beperkte oplage, weet u wel. Met dit spel bewijst Martin Wallace dat hij nog genoeg hout heeft om pijlen te maken. Dat deze doel zullen treffen staat buiten kijf. Ikzelf herstel trouwens nog steeds van de financiële wonden die mijn Tinners' Trail-sessies tot nu toe hebben opgeleverd.

Op 10? 8,5. Met felicitaties van de jury. Heerlijk spel. Mocht gerust als discipline op de Olympische spelen. Maar dan zijn die van Cornwall in het voordeel. En dat gaan we toch niet toelaten zeker?

Dominique

 

Tinners' Trail (JKLM Games / Warfrog / Treefrog)

Martin Wallace

3 of 4 spelers vanaf 13 jaar

60 tot 90 minuten

19:18 Gepost door Dominique in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

Commentaren

Uitstekend spel Mooie beschrijving van een uitstekend spel (ik heb de pek & veren voor het artikel over Agricola weer in mijn boerenschuur opgeborgen - vooralsnog kun je rustig slapen..... vooralsnog).

Een minpuntje van Tinners' Trail: te weinig waterblokjes (zal wel iets Hollands zijn, overstromingen en dan maar pompen, zijn we goed in).

Gepost door: Erwin | 06-08-08

Erwin,

Dat woordje "vooralsnog" baart me grote zorgen, temeer daar ik me had voorgenomen mijn kristallen bol weer boven te halen naar aanleiding van Essen 2008. Vooralsnog zie ik daar niet vanaf, maar ik ben wel gewaarschuwd!

De waterblokjes kunnen af en toe een probleem zijn. Bij een sessie met vier hebben we inderdaad de persoonlijke voorraad van de blauwe speler even moeten aanspreken.
Maar zoals je aangeeft zal de oerdegelijke Hollandse overstromingsbeheersing en -voorkoming dat blauwe varkentje wel even wassen.

Gepost door: Dominique | 06-08-08

Wie is die Abigail eigenlijk ? Is zij van wezenlijk belang bij dit spel, of heeft zij met jou de vloer aangeveegd ?

Gepost door: Benny | 08-08-08

Abigail Benny,

Abigail is eigenlijk degene die de pasties verkoopt. Je had toch niet verwacht dat wij, mijndelvers, met handen als kolenschoppen en kleerkasten van lichamen, van deur tot deur zouden gaan om gebakjes aan de man te brengen? Bovendien rijmt Abigail op Tinners' Trail. Leuk voor de titel. Ik weet, het is niet bijster origineel maar de hitte van vorige week heeft mijn creatief denkvermogen enigszins aangetast. Het gaat ondertussen alweer wat beter, dank u.

Gepost door: Dominique | 08-08-08

De commentaren zijn gesloten.