18-04-07

Pluimvee

Gisteren nog eens Coyote gespeeld, dat heerlijk belachelijke spel, waarbij je als lid van een (voortgaande op de aanblik van mijn met pluimen uitgedoste medespelers, niet zo snuggere) indianenstam moet proberen aan het eind van het spel "the last man standing" te zijn.

Het einde van het spel gaat dan ook meestal gepaard met uitdrukkingen als "ge hebt wel wat van uw pluimen gelaten, hé vriend", "een gepluimd kieken kunnen ze toch niet meer plukken", "ja, gij hebt wel een pluim verdiend vandaag" en "ceci n’est pas une plume".

We denken er zelfs aan om in het vervolg de winnaar met pek en veren getooid de straat op te jagen, hopelijk zonder Greg Lemondiaanse afloop. Al vrees ik dan wel voor het ontbreken van het competitieve element tijdens het spel. Of zelfs voor het ontbreken van het meest belangrijke aspect van een spel tout court, medespelers.

Als je dit spel speelt verdwijnen alle besognes die zich in en om je afspelen als vanzelf. Voor je goed en wel bezig bent krijg je al de slappe lach door alleen maar naar je medespelers te kijken. Ideaal als afsluiter of opwarmer van een spelavond, al bestaat het gevaar dat als je het als opwarmer gebruikt je de rest van de avond bezig blijft en niet meer aan een ander spel toekomt.

Hoe meer spelers hoe beter bij dit spel. Met zijn zessen waren we: Marleen, Katrien, Karel, Patrick, Marc en ikzelf. Geen last man standing deze keer, wel een last woman standing, en hoe! Katriens veren leken als vastgelijmd aan haar, ja hoe noem je dat eigenlijk, zweetbandje?

Stalen zenuwen helpen, zoals bij zovele dingen in het leven, ook hier. Iemand onbewogen en als een ijsblok recht in de ogen kunnen kijken en ondertussen een volledig nefaste gok doen.. goed bezig!

Katrien evolueerde dus van squaw naar opperhoofd(in) terwijl wij kaalgeplukt en benedenmondhoeks zaten toe te kijken. Het strooien van zout in de wonde, een techniek die zij tot op olympisch niveau heeft verfijnd, verzekerde ze op schijnbaar nonchalante wijze door, bijna fluisterend maar net hoorbaar genoeg, opmerkingen te maken als "och kijk, ik heb nog alle veertjes op mijn hoofd, mooi hé", "krijg ik nu een eigen wigwam?" en de onvermijdelijke mokerslag "doen we er nog eentje?" Het kwam hard aan. Harder dan een pluim in alle geval.

Ik zeg u, hoed u voor vrouwelijke bord- en kaartspeelsters. Wolven in schapenvacht zijn het. Ze doen je met de glimlach in het stof (van de prairie in dit geval) bijten.

Daarom, beste spelliefhebbers, volgt nu de gouden tip van de dag:

Als de vrouw een spelleke speelt, boer, hoop dan op chance.

 

Dominique

22:45 Gepost door Dominique in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.